Menu

Gliacellen

Naast zenuwcellen zijn er ook nog andere cellen in de hersenen te vinden. Deze cellen heten gliacellen (glia is Grieks voor “lijm”). Van deze cellen is lang gedacht dat ze alleen ondersteuning boden voor zenuwcellen. De wetenschap richtte zich daarom vooral op de 86 miljard zenuwcellen in de hersenen. Maar nieuw onderzoek wijst op een veel belangrijkere rol voor de gliacellen bij het uitvoeren van hersenfuncties.

Zo ondersteunen ze het hersenweefsel door te zorgen voor stevigheid en ze maken isolatielaag myeline. Daarnaast ruimen gliacellen dode of kapotte cellen op zijn ze betrokken bij het in standhouden van de bloed-hersen barrière.

Er zijn verschillende soorten glia cellen die allemaal een eigen taak hebben.

  • Astrocyte
    Een astrocyt. Afbeelding: GerryShaw [CC BY-SA 3.0], from Wikimedia Commons
    Astrocyten zijn steuncellen die de bouwstenen van de bloed-hersen barrière vormen. Zij zorgen er dus voor dat niet alle stoffen uit het bloed de hersenen kunnen bereiken. Daarnaast zijn ze verantwoordelijk voor de chemische omgeving van de zenuwcellen. Wetenschappers denken dat ze mogelijk een belangrijke rol spelen bij het ontstaan van epilepsie en de Ziekte van Parkinson.
  • Oligodendrocyten maken myeline aan om de verbinding tussen zenuwcellen te beschermen. Ze zijn alleen aanwezig in het centrale zenuwstelsel.
  • Schwanncellen maken ook myeline aan om de verbinding tussen zenuwcellen te beschermen alleen is dit type glia cel alleen aanwezig in het perifere zenuwstelsel.
  • Microglia verwijderen schadelijk materiaal zoals virussen uit het centrale zenuwstelsel en zijn een belangrijk onderdeel van het immuunsysteem.

Synapsen

Gliacellen blijken ook van groot belang te zijn als het gaat om de vorming en functie van synapsen, het punt waarop twee zenuwcellen met elkaar communiceren. Onderzoek toont aan dat zenuwcellen en hun synapsen niet goed werken zonder gliacellen. Zo is bijvoorbeeld ontdekt dat de zenuwcellen van knaagdieren maar heel weinig synapsen vormden en heel weinig synaptische activiteit ontwikkelden totdat ze werden omringd door astrocyten. Zo gauw er astrocyten in de buurt van deze hersencellen werden gebracht, sprong het aantal synapsen omhoog en werd de synaptische activiteit 10x meer.

Gliacellen helpen ook bij de vernietiging van synapsen tijdens de hersenontwikkeling. Ontwikkelende hersenen snoeien onnodige verbindingen weg, om het de zenuwcircuits makkelijker te maken. Onderzoekers denken dat gliacellen dit proces ondersteunen met behulp van het immuunsysteem. Als gezonde synapsen zomaar worden weggesnoeid, kan dat een factor zijn bij het ontstaan van neurodegeneratieve aandoeningen zoals de ziekte van Alzheimer.

Neurologische aandoeningen

Gliacellen zijn in verband gebracht met uiteenlopende neurologische aandoeningen als dyslexie, autisme, stotteren, toondoofheid, chronische pijn, epilepsie, slaapstoornissen en zelfs bij pathologisch liegen. Het is daarom belangrijk dat wetenschappers begrijpen hoe en waarom gliacellen communiceren. Zo kunnen ze hun ideeën over hoe de hersenen werken bij stellen en toekomstige behandelingen beter afstemmen op de aandoening.

Deze tekst is gebaseerd op een artikel van BrainFacts.org – SfN

Lees ook