fbpx
Menu

Alzheimer vertragen

Omdat behandeling van de ziekte van Alzheimer op dit moment niet mogelijk is, doen we bij het Nederlands Herseninstituut onderzoek naar deze ingrijpende aandoening. We onderzoeken hoe we de ziekte kunnen uitstellen en vertragen. Een belangrijke ontdekking hierin is dat er mensen zijn waar alzheimer minder grip op heeft, mogelijk door een bepaalde levenstijl.

 

Portretfoto van Luuk de Vries (links) en Eveline van Dijck (rechts) die poseren aan een werkbank in een laboratorium
Luuk de Vries en Eveline bij het Nederlands Herseninstituut

Geen symptomen, toch ziekte van Alzheimer

Bij de Nederlandse Hersenbank wordt hersenmateriaal van patiënten altijd vergeleken met materiaal van mensen zonder hersenziekte. Wij deden een bijzondere ontdekking in hersenmateriaal van controledonoren. Deze mensen gingen door het leven als “gezonde” mensen. Maar hun hersenen zagen eruit alsof ze een vergevorderd stadium van de ziekte van Alzheimer hadden. Wij duiken nu dieper in deze bijzondere ontdekking. Promovendus Luuk de Vries bestudeert welke mechanismen ervoor zorgen dat deze mensen weerbaar zijn tegen de ziekte van Alzheimer.

Er zijn mensen waar Alzheimer minder grip op heeft

Luuk: “Wij weten dat de ene mens weerbaarder is tegen alzheimer dan de andere. Maar hoe komt dat nou? Wij zoeken het antwoord op deze vraag. Komt dat door afweercellen? Of komt het omdat andere cellen de functie van de aangetaste cellen overnemen? Er zitten miljarden cellen in de hersenen. Misschien gaan hun hersenen efficiënter met de hersencapaciteit om. Het doel is dat we een vertaalslag kunnen maken naar eventuele therapie of medicijn die hetzelfde systeem kan activeren in mensen die gediagnosticeerd zijn met de ziekte van Alzheimer. Wij proberen een uniek mechanisme te ontrafelen. Kort door de bocht gezegd: als wij kunnen ontdekken waarom deze mensen weerbaarheid hebben tegen de ziekte van Alzheimer, dan kunnen we dat mechanisme misschien ook toepassen in een therapie of medicijn bij alzheimerpatiënten”.

Om hersenproblematiek op te lossen moeten we echt in de hersenen kijken

Als iemand aan ernstig geheugenverlies lijdt, wordt er op een bepaald moment aan dementie gedacht. Een MRI is dan een van de onderzoeksmethoden om tot een diagnose te komen. Met hersenscans kan je wel zien dat er zich in de hersenen een hersenziekte afspeelt. Maar dit is niet alleen bij dementie het geval. Ook bij Parkinson zie je dit soort veranderingen. Bovendien zijn er verschillende vormen van dementie. De ziekte van Alzheimer is de bekendste, maar je hebt bijvoorbeeld ook nog vasculaire dementie en Lewy body dementie.

“De verschillen zijn in een kliniek heel moeilijk vast te stellen. Een definitieve diagnose kan je pas stellen na overlijden, zoals wij doen bij de Nederlandse Hersenbank” legt Luuk uit. Op microscopisch niveau zie je wat er echt aan de hand is. Omdat hersenziektes zo complex zijn, blijkt 1 op de 5 diagnoses uit de kliniek niet juist.

Onderzoek onder donoren met bijzondere hersenen

We weten bijna zeker dat het ziekteproces van alzheimer al begint op 40 á 50-jarige leeftijd, ver voordat symptomen worden waargenomen, meestal pas tussen het 70ste en 80ste jaar.

Luuk: “onder de microscoop maken wij bij alzheimer een onderscheid in zeven stadia. Als je die stadia achter elkaar zet, kan je het beloop van het ziekteproces volgen, ook moleculair. Zo hebben we aangetoond dat in het begin van de ziekte, bepaalde moleculen in de hersenen enorm actief zijn. Hersenen lijken zich extra in te spannen tegen het begin van het ziektebeeld. Op een gegeven moment vermindert deze activiteit. Dan komen de eerste symptomen. Het is het moment waarop de partner zegt ‘laten we toch maar eens naar een geriater gaan’.

De hersenen van de speciale groep donoren die we nu onderzoeken zagen er dus hetzelfde uit als van mensen met de diagnose alzheimer terwijl ze nog geen echte symptomen hadden. Het lijkt er op dat hun hersenen langer weerbaar zijn gebleven dan die van de mensen waarbij in een kliniek al wel de ziekte van Alzheimer was vastgesteld.”

Een van deze speciale donoren was de partner van Eveline van Dijck

Eveline van Dijck maakte jaren geleden als programmamaker een profiel van Dick Swaab. Ze ontdekte daardoor dat je hersendonor en orgaandonor echt apart moet vastleggen. Ze besloot haar hersenen te doneren. Ook haar man die 20 jaar ouder was vond het wel een goed idee. Hij overleed in 2012. “Mijn man was wel eens vergeetachtig. Bij onderzoek in de kliniek scoorde hij echter nog erg laag op de schaal voor de ziekte van Alzheimer. Hij stond ook nog heel actief in het leven, het was een hele leuke, originele man. Dus wij dachten dat er niks aan de hand was. Hij besloot hersendonor te worden. Eigenlijk dus controle donor, omdat hij geloofde in het belang van onderzoek.”

Enige tijd na zijn overlijden werd Eveline gebeld door de neuropatholoog. “Hij stelde allerlei vragen over het gedrag van mijn man. Toen begreep ik dat zijn hersenen een heel ander verhaal vertelden, dan wat we in de kliniek hadden gehoord. De neuropatholoog zag in zijn brein dat het vol met eiwitten zat. Hij zou eigenlijk ernstig geheugenverlies moeten hebben. Ik was heel verbaasd. Maar ik vind het ook wel heel speciaal dat de hersenen van mijn man een bijdrage leveren aan bijzonder onderzoek. En ik denk dat hij het zelf ook wel erg leuk zou vinden dat hij nu nog steeds mensen zo bezighoudt.”

Onderzoekers werken met geanonimiseerde gegevens

Luuk: “de kans is groot dat ik inderdaad materiaal van hem heb onderzocht. Maar zeker weten doe ik dat niet”. Het materiaal wordt in de Nederlandse Hersenbank door een neuropatholoog verwerkt tot genummerd onderzoeksmateriaal. Zo weten onderzoekers niet van wie de hersenen zijn geweest en blijft de anonimiteit van hersendonoren gegarandeerd. “Als onderzoeker heb ik wel toegang tot het medische verleden dat erbij hoort. Maar alles is geanonimiseerd. Ik ken wel het verhaal, maar weet niet bij welk mens dit hoort.” Eveline is zelf ook hersendonor, “je kunt denken dat is griezelig of zo, maar als niemand hersenen doneert dan komt het onderzoek niet zoveel verder”.

Wanneer weten we meer?

“We hopen over drie jaar meer te weten” vertelt Luuk. “Dat het een bijzonder onderzoek is blijkt wel uit het feit dat ik vier begeleiders heb met ieder eigen kennis die relevant is voor dit project. Dat is ook het voordeel van werken op het Nederlands Herseninstituut. We hebben heel veel verschillende kennis in een Instituut. Naast hersendonoren is er ook geld nodig om dit onderzoek voort te kunnen zetten. Daarom zijn we zo blij met de Stichting Vrienden van het Herseninstituut omdat je daarmee direct hersenonderzoek steunt.”

Wilt u ook dit onderzoek steunen? Wij zijn erg blij met uw gift om dit onderzoek te versnellen en uit te breiden. Uw donatie kunt u overmaken op rekeningnummer NL76 INGB 0002 1673 78 ten name van Stichting Vrienden van het Herseninstituut onder vermelding van “Alzheimer afremmen”. U kunt ook contact opnemen met ons via [email protected].

Foto en tekst: Annette Kolkman van fotosentekst.nl