Steun ons werk
Decorative header background

Nieuwe aanwijzing voor ernstig verloop van MS: ‘overvolle opruimcellen’ in de hersenen

22 mei 2026

Onderzoeker Daan van der Vliet heeft samen met zijn collega’s van het Nederlands Herseninstituut, Universiteit Leiden en Universiteit Utrecht een belangrijk mechanisme ontdekt dat mogelijk samenhangt met een ernstig verloop van multiple sclerose (MS). In hersenweefsel van patiënten met snel voortschrijdende MS vonden zij grote aantallen afwijkende immuuncellen die overvol zitten met vetbolletjes. De studie biedt nieuwe aanknopingspunten voor behandelingen én voor biomarkers die het ziekteverloop beter kunnen voorspellen.

Waarom gaat de ene patiënt snel achteruit en de andere niet?

Bij MS wordt de vetrijke isolatielaag rondom zenuwuitlopers (de myeline) afgebroken in de hersenen en het ruggenmerg. Daardoor kunnen neurologische symptomen ontstaan, zoals moeite met lopen en zien. MS verloopt bij iedere patiënt anders. Sommige mensen leven tientallen jaren met relatief milde klachten, terwijl anderen al op jonge leeftijd ernstig verlamd raken. Onderzoekers proberen daarom al lange tijd te begrijpen wat dit verschil veroorzaakt.

In het nieuwe onderzoek richtten de wetenschappers zich op microglia: immuuncellen die in de hersenen afval opruimen en beschadigd weefsel helpen herstellen. Bij MS-patiënten veranderen deze cellen echter van vorm. Ze raken gevuld met vetbolletjes en krijgen daardoor een schuimachtig uiterlijk. Onderzoekers noemen dit ‘foamy microglia’. ‘We zagen dat patiënten met veel van deze foamy microglia vaker een ernstiger ziekteverloop hadden’, zegt onderzoeker Daan van der Vliet.

Opruimcellen die vastlopen

Normaal gesproken helpen microglia om schade in de hersenen op te ruimen. Bij MS lijkt die taak soms te groot te worden. De onderzoekers denken dat de cellen zoveel beschadigd myeline opnemen, dat ze uiteindelijk vastlopen in hun eigen afvalverwerking. ‘Deze cellen proberen waarschijnlijk juist iets goeds te doen: schade opruimen’, legt Van der Vliet uit. ‘Maar ze raken als het ware overbelast. Daardoor kunnen ze niet meer goed bijdragen aan herstel.’

De onderzoekers ontdekten bovendien dat hersenontstekingen mét foamy microglia zich moleculair duidelijk anders gedragen dan MS-ontstekingen zonder deze cellen. Zo bevatten ze specifieke vetten die betrokken zijn bij chronische ontstekingsreacties.

Nieuwe kijk op MS

Lange tijd werd gedacht dat ontstekingen de drijvende kracht achter de ziekteprogressie was, maar de studie laat ook zien dat MS mogelijk complexer is dan dat alleen. Volgens de onderzoekers wijst hun werk op een subtieler proces. ‘Het lijkt niet simpelweg om alleen de ontstekingsreactie te gaan’, zegt Van der Vliet. ‘Deze cellen proberen waarschijnlijk schade op te ruimen en te herstellen, maar dat proces mislukt en verergert de ontsteking en werkt herstel tegen.’

Geavanceerde technieken én menselijk hersenweefsel

Voor het onderzoek analyseerden de wetenschappers hersenweefsel van 28 overleden MS-patiënten die hun hersenen gedoneerd hebben aan de Nederlandse Hersenbank. Het team combineerde verschillende geavanceerde technieken waarmee tegelijk werd gekeken naar genactiviteit, eiwitten én vetten in dezelfde MS ontstekingen.
Volgens de onderzoekers was vooral de combinatie van moderne technologie en gedetailleerde kennis van hersenpathologie cruciaal.

Van der Vliet: ‘Je hebt tegenwoordig hele mooie en goede technieken die de hersenen met veel detail in kaart brengen. De technologieën zijn fantastisch, maar die vertellen je relatief weinig als je het niet aan de pathologie kan koppelen in hersenweefsel. Juist doordat hersenweefsel jarenlang zorgvuldig is bestudeerd en geclassificeerd door de Nederlandse Hersenbank, konden we deze afwijkende patronen herkennen.’

Mogelijke stap naar persoonlijkere behandeling

De ontdekking kan op termijn bijdragen aan betere voorspellingen van het ziekteverloop van MS. De onderzoekers vonden namelijk aanwijzingen dat bepaalde vetten die samenhangen met foamy microglia ook meetbaar zijn in hersenvocht van patiënten. ‘Dat opent de mogelijkheid om in de toekomst biomarkers te ontwikkelen waarmee artsen eerder kunnen zien welke patiënten risico lopen op snelle achteruitgang — en welke behandeling daar het beste bij past.’

Daarnaast sluiten de resultaten aan bij lopende ontwikkelingen van nieuwe medicijnen die zich richten op vetstofwisseling en chronische laesie-uitbreiding bij MS. Sommige van deze middelen worden inmiddels onderzocht in klinische studies in samenwerking met Roche.

Het onderzoek werd gefinancierd door twee Zwaartekracht programma’s: Institute for Chemical Immunology (ICI) en Institute for Chemical NeuroScience (iCNS).

Bron: Nature Neuroscience

Groep

Steun ons werk

De Stichting Vrienden van het Herseninstituut ondersteunt baanbrekend hersenonderzoek. U kunt ons daarbij helpen.

Steun ons werk